maandag 20 januari 2014

Is schoonheid subjectief? (I)

Universele schoonheid

Is een IJsvogel mooier dan een maraboe? Een paradijsvogel dan een kraai? Een passiebloem dan een Eendagsbloem? Of is dat allemaal relatief, afhankelijk van je smaak?
Is schoonheid subjectief, oftewel afhankelijk van de beschouwer? Deels wel, dat geef ik toe. Maar er is objectieve schoonheid, er bestaan universele maatstaven voor wat fraai is en wat niet. Die maatstaven zijn echter tamelijk moeilijk vast te stellen en dat is naar mijn mening de verklaring voor het feit dat tallozen schoonheid beschouwen als iets louter subjectiefs.
Ik kan het niet bewijzen, maar ik vermoed dat men in de achttiende eeuw, toen de Avondlandse cultuur op zijn hoogtepunt was, er niet aan twijfelde of schoonheid was een natuurgegeven en de mate waarin iets die bezat niet afhankelijk van de beschouwer; en dat doordat de hoogstaande cultuur geleidelijk teloorging en alle absolute waarheid ter discussie werd gesteld, ook de kennis van universele schoonheid dieper wegzakte.

Bestaat er objectieve schoonheid? Ja. Ik zal dat bewijzen met een voorbeeld. Zouden Miss-verkiezingen mogelijk zijn zonder enige overeenstemming over schoonheid? Natuurlijk worden de winnaressen bepaald op grond van aantal stemmen, maar de lelijkste mokkels (mijn verontschuldigingen aan onknappe lezeressen, van wie misschien de meesten meer inhoud hebben dan degenen met een leuke buitenkant) zul je er niet aantreffen. Het ene jurylid houdt van een lief gezichtje, een ander van een brutaal smoelwerk, maar desalniettemin zien we tegen de achtergrond van deze wedstrijden enkele duidelijke lijnen zich aftekenen:
a)     Een regelmatig gezicht is mooier dan een asymmetrisch gezicht.
b)     Lang haar is voor een vrouw mooier dan kort haar.
c)     Kunstmatige schoonheid (beschilderde gezichten, oorhangers en dergelijke) moet het afleggen tegen natuurlijke schoonheid.
d)     Een jurk is mooier dan een broek.
e)     Een fleurige, zwierige jurk is mooier dan een strak pakje.
De punten a, b en d spreken voor zich en ieder met enig gevoel voor schoonheid zal ze zonder meer beamen. Ze maken onderdeel uit van een universeel schoonheidsideaal. De andere twee behoeven enige toelichting.
Om met het laatste te beginnen: niet voor niets kenmerken folkloredansen, waarin schoonheid een centrale plaats inneemt, zich door kleur en zwier. Bij moderne popdansen gaat het om andere zaken en dus wordt daar andere kleding gedragen. Wijde kleding richt de aandacht op zichzelf, strakke kleding richt de aandacht op het lichaam.
Wat betreft punt c: Ten eerste is kunstmatige schoonheid, bijvoorbeeld verkregen door plastische chirurgie, bedoeld om afwijkingen van het natuurlijke schoonheidsideaal tot een minimum terug te brengen.
Het natuurlijke schoonheidsideaal – zit gevoel voor schoonheid, en zelfs de bijbehorende maatstaven, dan in de natuur ingebouwd, ingeschapen? Ja, daarvan ben ik overtuigd, althans wat de mens betreft. Universeel esthetisch gevoel is het schoonheidsgevoel van de mens, want het heeft geen zin het esthetisch gevoel van een beer of van een ster hierbij in beschouwing te nemen. Dus als het gaat om de vraag of iets mooi is zijn er criteria waarover de hele wereld, ondanks alle culturele verschillen, het min of meer eens is. En dat komt waarschijnlijk heel eenvoudig doordat de hele mensheid afstamt van een enkel mensenpaar; en ik durf nog een stap verder te gaan: doordat de Schepper iets van Zijn schoonheidsideaal in de mens 'geprogrammeerd' heeft. En daarmee is het schoonheidsideaal werkelijk universeel.
En nu zien we het tweede argument waarom natuurlijke schoonheid het wint van kunstmatige: als een schoonheidsideaal en gevoel voor wat mooi is in de natuur zit (in onze genen om precies te zijn), dan moet dat berusten op natuurlijke schoonheid.


wordt vervolgd

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen