maandag 21 maart 2016

Bitterbal en zure zult

"Wat een bofferds zijn toch al die schrijnende gevallen.
Dat noem ik nou nog 's een keertje in de prijzen vallen.
Ze mogen zomaar graties blijven in ons Hollands tranendal –
Hier, een lekker broodje zure zult; en hier, pak aan, éen bítterbal.
(…)
Je bent pas echt ten einde raad
als je op de vlucht bent en naar Holland gaat."
Aldus sprak Jeroen van Merwijk, jaren geleden.

We konden het zien aankomen. Een kolonel van het Nederlandse leger voorspelde al meer dan vijf jaar geleden dat het zou gebeuren, maar heel Europa keek weg. Nu zitten we met de gebakken peren, in de vorm van een niet-aflatende stroom vluchtelingen uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika; tot voor kort veelal via Griekenland, vanaf nu via Turkije. Het is dweilen met de kraan open.
En het zijn bijna allemaal moslims, waarvan we er eigenlijk al genoeg hadden, hier in ons Hollands tranendal. Mensensmokkelaars beleven gouden tijden.
Wat wij doen is opvangen in plaats van te hulp schieten. En het zijn volgens mij vooral de rijkelui en de lafaards die hierheen komen; iedereen vergeet de Iraakse en Syrische helden die wíllen blijven en de arme verschoppelingen die móéten achterblijven.

"Iedereen heeft de beelden van het aangespoelde jongetje nog op zijn netvlies staan" – ik niet; ik heb er zelfs geen foto van gezien. "Dagelijks zie je op televisie de beelden van de mensen op de vlucht en de toestanden in de vluchtelingenkampen" – ik niet; ik kijk geen tv. "Je leest er elke dag over in de krant" – ik niet; ik heb geen krant. "Wat zou je doen als er morgen een paar vluchtelingen aan je deur klopten?" – dat zie ik nog in geen honderd jaar gebeuren, dus lijkt het me weinig zinvol daarover te speculeren.
Het boeit me niet, ik weet het niet, ik heb er geen mening over. Ik heb slechts één of twee verhalen over vluchtelingenkampen gelezen, toen hing het geklaag me de keel uit.
De "vluchtelingencrisis" noemen we het hier, met onze klaarblijkelijke voorkeur voor het woord "crisis", om als er niets aan de hand is ons toch zielig te kunnen voelen. Laat die "vluchtelingencrisis" maar een gespreksonderwerp zijn op verjaardagen – daar doe ik toch al niet aan; en laat politici maar oplossingen verzinnen. Mij kan het niet schelen.
Ver van mijn bed.
Het zal me worst wezen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen