maandag 2 februari 2015

Tweetaligheid en dialect (1)

Het belang van tweetaligheid

De meeste onderzoekers zijn het erover eens: tweetaligheid heeft belangrijke voordelen voor de verstandelijke ontwikkeling. Het werkgeheugen verbetert. Doordat je hersenen voortdurend moeten kiezen tussen de twee taalsystemen leren ze snel schakelen en de belangrijkste gegevens naar voren te halen. Dit vermogen werkt zelfs door tot op hoge leeftijd en helpt zo dementie te vertragen.
Kortom: genoeg redenen om je kinderen een meertalige opvoeding te geven.

Het is namelijk wel van belang wannéér je tweetalig word: als je pas op latere leeftijd nieuwe talen aanleer is het gunstige effect veel minder, zo blijkt uit onderzoeken.
Desalniettemin blijft het aanleren van nieuwe talen een goede manier om je hersenen soepel te houden en biedt het natuurlijk grote voordelen die het beheersen van vreemde talen nu eenmaal meebrengen, of het nu gaat om het lezen van literatuur of informatie op het internet of om het vergemakkelijken van de communicatie in een exotisch vakantieoord.

Je zou echter kunnen tegenwerpen: maar dan moet je met een buitenlander trouwen of ontzettend goed onderwezen zijn in een tweede taal om je kind een tweetalige opvoeding te kunnen geven. En dat heb ik er niet voor over dan wel is voor mij niet haalbaar.
Terecht opgemerkt. Maar ik heb goed nieuws: ook je streektaal kan dienstdoen als ‘vreemde’ taal naast het Standaardnederlands. Een kind dat opgevoed is met dialect en Standaardnederlands naast elkaar (niet een mengelmoesje van die twee) heeft dezelfde cognitieve voordelen als iemand die bijvoorbeeld is opgevoed met Nederlands en Papiaments. Hoe groot het voordeel precies is, daarnaar loopt op dit moment een onderzoek met Limburgse kinderen; maar het is er, daarover zijn de taalkundigen het eens. Want taalkundig beschouwd is een dialect vaak niet te onderscheiden van een standaardtaal.

Want wat onderscheidt een taal van een dialect? De mate van taalkundig verschil is één aspect, maar historische en culturele overwegingen spelen evenzeer een rol. Dít was de reden om Fries tot taal te promoveren, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Zeeuws of Gronings. Om een voorbeeld te noemen: Zeeuws en Limburgs verschillen waarschijnlijk meer van het Standaardnederlands en zeker van elkaar dan Deens en Bokmål-Noors, terwijl de laatste twee als afzonderlijke taal worden erkend. Zodoende bestaat er volgens taalkundigen geen enkel verschil tussen "taal" en "dialect", hoewel dat niet helemaal zal opgaan voor dialecten die zozeer zijn verwaterd dat ze nauwelijks meer verschillen van de standaardtaal – reden temeer om het dialect te beschermen tegen de oprukkende invloed van het Standaardnederlands (en dat evenzo tegen het Engels).
(Wordt vervolgd)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen